Suture (Scott McGhee en David Siegel, 1993)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

suture2

Suture, neo noir uit 1994, toen Dennis Haysbert nog geen president was van de Verenigde Staten.

De beste president die de Verenigde Staten nooit heeft gehad heet David Palmer. De grote Afro-Amerikaanse acteur Dennis Haysbert vertolkte hem in de televisieserie 24 zachtmoedig, statig en waardig. Waren presidenten in werkelijkheid maar minstens zo wijs en integer. Wat mij betreft mag Haysbert zich alsnog kandidaat stellen voor het presidentschap, zodat ze aan de overkant van de oceaan kunnen redden wat er nog te redden valt. Ik had de acteur al een keer gezien als de chauffeur van Neil McCauley (Robert De Niro) en diens bende tijdens de beruchte, flink uit de hand lopende bankoverval in Heat, maar die rol was zo klein dat ik de naam van Haysbert zelfs na de tweede kijkbeurt niet heb onthouden.

Rondom het tweede seizoen 24 profileerde hij zich op het bioscoopdoek met de rol van zwarte tuinman in het drama Far From Heaven. De ongelukkig huismoeder Cathy Whitaker (Julianne Moore) heeft in hem eindelijk een zielsvriend gevonden, maar moet de onmogelijke relatie geheim houden. Tuinman Raymond Deagan is net als David Palmer een bedaarde man. Hij zal zelfs onder druk geen moment uit zijn vel springen. De grote acteur houdt het klein. De emotie is naar binnen gericht en komt nauwelijks naar de oppervlakte. Dennis Haysbert heeft in de tweede serie van 24 slecht één moment waarop hij zijn tranen nauwelijks kan bedwingen, wanneer held Jack Bauer onder schot wordt gehouden door notoire bad girl Nina Myers (Sarah Clarke) en de president tegen zijn gevoel in moet toestemmen met de opoffering van Bauers leven. De emotie is zo onverwacht dat het de intensiteit van de scène vergroot. Een dergelijk moment is nodig, want anders zou Haysberts ingehouden speelstijl weleens als onderacteren bestempeld kunnen worden.

De rustige, gelaten acteerstijl past goed in de gestileerde vorm waarin Suture is gegoten. De acteurs in deze onafhankelijke Amerikaanse film uit 1993 (met Steven Soderbergh als co-producer) vertolken archetypen uit de film noir, overgeheveld naar de (post)moderne tijd. Net als in 24 speelt Haysbert een rol buiten het verwachtingspatroon om. Zo ongebruikelijk als een zwarte president van de Verenigde Staten is een zwarte acteur met een hoofdrol in een film noir (terwijl de naam van het genre toch anders zou doen vermoeden). De protagonist van een klassieke film noir mag blijkbaar geen zwarte huidskleur hebben. Het regisseursduo Scott McGhee en David Siegel doorbreekt die regel, waardoor hun thriller surrealistische trekjes krijgt.

Haysbert is Clay Arlington, broer van Vincent Towers (Michael Harris) en al van kinds af aan het geheim van de familie Towers. Hij werkt als eenvoudige arbeider ver van de grote stad. Clay wordt na de begrafenis van hun vader door Vincent uitgenodigd naar Los Angeles te komen. In de auto, onderweg van het busstation naar het belachelijk grote moderne huis van Vincent, bespreken de twee hun opvallende uiterlijke gelijkenis. See how much we look alike. Our physical similarity is disarming. Het inlevingsvermogen van de kijker wordt direct zwaar op de proef gesteld, want de naargeestige Vincent is ontegenzeggelijk blank. Van uiterlijke gelijkenis tussen de broers is geen sprake. Dit gegeven wordt tot in het absurde doorgetrokken.

suture107

Clay weet niet dat hij door zijn broer in de val wordt gelokt. Vincent is hoofdverdachte van de moordaanslag op hun vader en wil koste wat kost uit handen van justitie blijven. Hij geeft Clay thuis zijn witte kleren, stuurt hem met zijn auto de stad in, blaast de wagen op en vertrekt naar het buitenland. Clay is zwaargewond, maar overleeft het ongeluk. Door geheugenverlies heeft hij geen weet van zijn originele identiteit. Met hulp van een vrouwelijke plastische chirurg met de filosofische naam Renee Descartes (Mel Harris), foto’s van Vincent en een verjaardagsvideo probeert Clay herinneringen op te roepen en zich voor te stellen dat hij ooit Vincent is geweest. Zijn zwarte huidskleur doet bij niemand ook maar een wenkbrauw fronzen, zelfs niet bij de naaste familie van Vincent. Ook de Freudiaanse theorieën uitkramende, door Rorschach-behang omringde Oosterse psychiater Shinoda (Sab Shimono) ziet niet dat Clay van geheel andere makelij is dan Vincent.

De afgemeten gekaderde fotografie is net zo zwart-wit als het thema van de film, wat tevens verwijst naar zwart-witklassiekers als Spellbound uit 1945 (dromen worden Freudiaanse geïnterpreteerd) en Seconds uit 1966 (de persoonsverwisseling). Het oog dat uit het verband rondom het hoofd van Clay steekt is een directe verwijzing naar The Tenant (Roman Polanski, 1976), ook al een film waarin identiteiten verward raken. De twee regisseurs behandelen het absurde gegeven expres met een stalen smoel. Suture is geen komedie, al zal de kijker geneigd zijn in de lach te schieten tijdens de line-up waarin Clay als enige zwarte man tussen de verdachten staat en niet herkend wordt vanwege zijn ooglap. De strakke vorm vraagt om een afstandelijke acteerstijl. Door zijn kalme vertolking geeft Dennis Haysbert de kille vertelling de broodnodige warmte.