
Vorige week speelden twee trio’s in Amsterdam die een vrije vorm van muziek maakten: de onbegrensde, compleet vrije expressie door jazzmuzikanten Joey Baron, Robyn Schulkowsky en Otomo Yoshihide in het Bimhuis en de meer rockgerichte variant gespeeld door Orcutt Shelley Miller in OCCII.
Drummer Joey Baron, percussionist Robyn Schulkowsky en gitarist Otomo Yoshihide reizen momenteel onder de titel Lavish Joy door Europa. Volgens de aankondiging op de website van het Bimhuis tast hun programma het terrein af ‘tussen precisie en noise, tussen het minutieuze en het rauwe’. De precisie en het minutieuze stonden donderdag 7 juni voornamelijk in de beginfase van het optreden centraal. Het klonk alsof we tijdens de eerste improvisatie aanwezig waren in een ruime tuin vol percussie-instrumenten die bespeeld werden door druppels uit overtrekkende regenbuien. De drie muzikanten werden niet versterkt door microfoons en dus waren hun gedetailleerde geluidjes extra zacht. Ik kon de bezoeker rechts naast me horen ademen.

Ook Yoshihide, die tussen de twee trommelaars in zat, beperkte zich in eerste instantie tot spielerei met een glas en allerhande gevonden voorwerpen die naast hem op een tafeltje lagen. Tijdens de tweede improvisatie bewerkte hij een dun stuk karton met een figuurzaagje, wat een schril piepend geluid opleverde. Met de ogen dicht zou je denken dat er klusjesmannen in plaats van muzikanten op het podium actief waren.
Pas vanaf de derde improvisatie kwamen de snaren van Yoshihide pas echt aan de beurt, allereerst ijl zingend dankzij een EBow. Hij hield zijn ogen het gehele optreden gefocust op de grond voor zijn voeten. De andere twee muzikanten communiceerden door regelmatig naar elkaar te kijken. Ze schoten vaak in de lach terwijl ze hun ritmes over en langs elkaar heen lieten glijden. Als er al regelmaat in het ritme te bespeuren was, dan gebeurde dat voornamelijk in het hoofd van de luisteraar.

Schulkowsky had een arsenaal aan percussie-instrumenten voor zich met in het midden een enorme pauk waar belletjes en andere kleine percussie afwisselend op rustten en aangeraakt werden. Baron gebruikte naast zijn drumstel ook even een pakje spelkaarten als instrument. Het trio maakte muziek waarbij het niet uitmaakte of ergens op de tribune een glas luid hoorbaar omviel of dat een vroeg gebroken ruim voor de helft van het optreden levenloos aan de gitaar bungelde. De muziek werd steeds rauwer. Tussen de noise uit de gitaarversterker schoot feedback als bliksem de zaal in. De lange afsluitende improvisatie was het hoogtepunt. Drums en percussie beperkten zich tot voornamelijk bekkens en brachten zo ritmische geruis voort waar de gitaar op de lage snaren met afwisselende accenten een weg doorheen baande.

Een paar dagen eerder improviseerde het instrumentale Amerikaanse trio Orcutt Shelley Miller binnen het rockidioom. Vanwege de jaarlijkse dodenherdenking, op diverse locaties in de hoofdstad, gingen de deuren van OCCII maandag 4 mei een half uur later open. De zaal was al redelijk afgeladen bij voorprogramma Bhajan Bhoy wiens meditatieve klanken uitmondden in luide gitaarakkoorden en riffs die me deden denken aan Spacemen 3. De gitaaruitbarstingen sloten goed aan op de daaropvolgende set van het rocktrio. De muzikanten speelden een soort avant-blues die zich had bevrijd uit de dwangbuis van het bluesschema. Een rauwe riff of een subtiel basloopje stond per nummer aan de basis voor razende gitaarsolo’s. De zittend spelende Bill Orcutt (Harry Pussy) had slechts genoeg aan één effectpedaal om zijn spel kracht bij te zetten. Een vaste grondtoon bood alle gelegenheid om vrijuit los te gaan en dat deed de gitarist vol vuur. Als je dicht bij het podium stond, kon je hem soms met de solo’s horen meezingen. Echo’s uit het noiseverleden van de muzikant sijpelden soms door in zijn spel. Bassist Ethan Miller (Howlin Rain, Comets On Fire) liet zijn vlotte basloopjes warm zoemen en drummer Steve Shelley (Sonic Youth) speelde luchtig, swingend en stevig zonder zich schuldig te hoeven maken aan houthakken. De opzwepende ritmes deden de allerjongste bezoekers bij de linker speaker spontaan tot een dansje overgaan.
Op het YouTube-kanaal van mauri d vind je een uitgerekte versie van An L.A. Funeral. De kortere versie staat op het debuutalbum Orcutt Shelley Miller dat vorige jaar verscheen.