Joshua (George Ratliff, 2007)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

joshua

Mensen die tijdens de 24ste editie van het Amsterdam Fantastic Film Festival hunkerend uitkijken naar afgerukte ledematen, bloedfonteinen, uit het graf kruipende ondoden of hongerige, mensenetende gedrochten kunnen Joshua beter overslaan. De gruwelen in Joshua zijn van het alledaagse huiselijke soort en geconcentreerd rondom de lasten van het ouderschap. Rosemary’s Postnatal Depression is een geschikte alternatieve titel.

Het echtpaar Cairn waagt het erop en neemt nog een kind, ondanks de problemen die moeder Abby (Vera Farmiga) had met de opvoeding van eersteling Joshua (Jacob Kogan). Zijn constante gehuil maakte haar indertijd radeloos. Meisje Lily lijkt een veel rustigere baby. Alle aandacht gaat uit naar de nieuwe familieaanwinst, terwijl wonderkind Joshua jaloers observerend aan de zijlijn staat. Moeder weigert een kindermeisje in te huren en bemoeit zich helemaal zelf, en zonder hulp van buitenaf, met de opvoeding van de baby. Vader Brad (Sam Rockwell) probeert het vaderschap te combineren met een drukke, verantwoordelijke baan in de financiële sector. Hij heeft daardoor geen tijd voor leuke uitstapjes met zijn zoontje.

Populaire oom Ned (Dallas Roberts) geeft tijdens zijn bezoekjes Joshua wel aandacht, bijvoorbeeld door samen met de jongen piano te spelen en over hedendaagse componisten te kletsen in het dure appartement aan Central Park in New York. Joshua bereidt een zwaar pianowerk voor dat hij binnenkort zal uitvoeren op zijn dure privé-school. Aan het spel van de tiener te horen is hij superbegaafd, wat ook gezegd kan worden van zijn leerprestaties. De jongen heeft een obsessieve interesse voor de tijd van de farao’s en in het bijzonder de rituelen rondom het balsemen van de overleden koningen. Vader Brad kijkt vreemd op, maar maakt zich nog geen zorgen, als Joshua bij zijn teddybeer voordoet hoe je tijdens het mummificeren de hersenen bij een overledene via de neus verwijdert.

Abby en Brad passen eigenlijk niet in de cultuur die heerst in de welgestelde zakenwereld, maar zijn daar toch duidelijk door besmet. Abby ergert zich aan de manier waarop andere rijke ouders over hun kinderen praten en Brad is veel vlotter en meer goedlachs dan zijn collega’s. Toch hebben ze niet door dat ook hun huis een kille woonplek is en dat ze meer overeenkomsten vertonen met het hun omringende onpersoonlijke, oppervlakkige milieu dan ze lief is. Als Joshua besluit zijn speelgoed aan arme kinderen te geven, vindt vader dat een slecht idee omdat het speelgoed veel heeft gekost.

De afstandelijke manier van opvoeden wordt gesymboliseerd door de wijze waarop Abby haar baby te eten geeft. Ze geeft het kindje geen rechtstreekse borstvoeding, maar pompt de melk met hulp van een apparaat van borst naar een flesje (‘het lijk wel of je je borst zuurstof toedient’, grapt haar broer). Beide ouders zijn te veel met hun eigen sores bezig om emotionele tijd te steken in hun relatie met Joshua. Zonder een vleugje empatisch vermogen kijkt Joshua kijkt toe hoe de volwassenen hun leven vormgeven en met deze mensenkennis trekt hij zijn eigen plan.

Het rottingsproces binnen het gezinsleven start als na een korte periode van rust de baby onophoudelijke huilbuien krijgt. Door wanhoop gedreven raakt Abby (een indringende rol van Vera Farmiga) steeds dieper in een depressie, aangesterkt door het geboor en getimmer in het bovengelegen appartement en de plotselinge dood van de hond. Pas veel te laat ontdekt vader Brad de bron van het ongeluk, maar dan trekt hij al aan het kortste eind. Zijn zoontje is een reëel gevaar vanwege zijn hoge intelligentie en gebrek aan gevoel en dat is een enger gegeven dan de antichrist uit bijvoorbeeld The Omen.