Wandering Home (Yôichi Higashi, 2010)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

wanderinghome

De aanwezigheid van filmsterren Tadanobu Asano (o.a. Ichi The Killer en Vital) en Hiromi Nagasaku (Doppelgänger en Funuke Show Some Love) is in Wandering Home geen garantie voor succes, zo bleek tijdens de Amsterdamse editie van het Camera Japan Festival 2011 in Kriterion afgelopen weekend.

Asano spuwt als alcoholist Yasuyuki het toilet van zijn moeder onder het bloed en wordt met spoed opgenomen in het ziekenhuis. Zijn ex-vrouw (Nagasaku) vraagt advies bij een bevriende arts en krijgt uitgelegd dat alcoholisme in de genen zit en wordt gesterkt door trauma’s. Laat dat nu toevallig ook het geval zijn bij Yasuyuki. Helaas heeft hij een hele film nodig om tot dezelfde conclusie te komen. Aangemoedigd door zijn vrouw en twee kleine, liefhebbende kinderen volgt de alcoholist een afkickprogramma, door omstandigheden startend in een psychiatrische kliniek. De gesloten inrichting roept associaties op met One Flew Of The Cuckoo’s Nest, maar ditmaal met een vriendelijke, zorgzame en begripvolle directrice.

Wandering Home ziet eruit als een televisiefilm met een educatief karakter. Het verhaal toont uitgebreid welke weg een alcoholist kan gaan om van zijn drankprobleem af te komen. Een enkele keer komen Yasuyuki’s demonen letterlijk tevoorschijn, wat Asano verleidt tot schmieren, terwijl de kracht van de bescheiden acteur juist zit in naar binnen gericht acteren. De cameravoering oogt soms lelijk willekeurig, met obligate shots/tegenshots en onzekere, onafgemaakte zooms. Het melodramatische einde krijgt een extra nekslag dankzij een afschuwelijke rockballade door een vals zingende Japanner met een voorkeur voor Jon Bon Jovi.

5/10