The Chumscrubber (Arie Posin, 2005)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

chumscrubber

Zonovergoten suburbs lijken zo vrij van zorgen, maar dat is natuurlijk allemaal schijn. Menige Amerikaanse regisseur mag graag onder het oppervlak kruipen voor het blootleggen van de ware aard van bewoners in welgestelde buitenwijken. Onder de vers gemaaide gazonnetjes kruipt het ongedierte uit de grond tevoorschijn. Suburbia kan duister zijn als in Blue Velvet en Donnie Darko, maar er zijn genoeg jonge regisseurs die voor een iets mildere aanpak kiezen zoals debutant Arie Posin in The Chumscrubber.

Het centrale personage in Posins film is Dean (Jamie Bell, na speelfilmdebuut Billy Elliot voornamelijk als Amerikaan gecast). De middelbare scholier klopt tijdens een volwassenenfeestje aan bij buurjongen Troy en vindt zijn beste maatje bungelend aan het plafond. Dean schrikt zo hevig van de zelfmoord dat hij de feestvierende ouders niet direct durft in te lichten. In shock verlaat hij het huis. Troy was de dealer op de high school waar hij oppeppende medicijnen aan Dean en andere leeftijdgenoten verkocht. Het duo Billy (Justin Chatwin) en Lee (Lou Taylor Pucci), met hulp van de best wel sympathieke klasgenoot Crystal (de op een jeugdige Sanne Wallis de Vries gelijkende Camilla Belle), ontvoeren Charlie, het broertje van Dean in een poging Dean zo ver te krijgen de verborgen medicijnen van Troy uit diens slaapkamer te halen.

De ontvoerders hebben per ongeluk de verkeerde Charlie (Thomas Curtis) van het schoolplein gehaald. Deans echte broertje (Rory Culkin, een van de acterende Culkinbroertjes) zit namelijk de godganse dag thuis in de woonkamer voor het brede plasmascherm het populaire computerspelletje The Chumscrubber te spelen. Ondanks hun vergissing zetten Billy en Lee hun plan door. Ze hebben geluk dat de ouders in Suburbia zoveel met zichzelf bezig zijn, dat meerdere dagen achter elkaar niemand van de ontvoering afweet. Zelfs de moeder van Charlie denkt dat haar zoon zoet in zijn slaapkamer bivakkeert, te druk als ze het heeft met haar werk als binnenhuisarchitect en de aanstaande bruiloft met haar tweede man, de jonge burgemeester Michael Ebbs (Ralph Fiennes). Ouders horen wel, maar luisteren niet of op zijn minst zeer selectief en dat levert regelmatig grappige momenten op. Zelfs als de kinderen vertellen dat Charlie is ontvoerd, zijn de volwassenen teveel door zichzelf afgeleid om te luisteren of de opmerking serieus te nemen.

In The Chumscrubber zijn de rollen omgekeerd: ouders gedragen zich als kinderen en vice versa. Enige overdrijving is daarbij toegestaan, want The Chumscrubber is een donkere komedie. Vooral Glenn Close als de treurende moeder is goed op dreef wanneer ze, danig in de war, aanbelt bij de moeder van Dean. Haar geforceerde glimlach is een griezelig masker waarachter ze haar verdriet probeert te verbergen. Ze organiseert een wake voor haar zoon op dezelfde dag als het huwelijksfeest van de burgemeester aan de overkant van de straat.

Tezamen met de ontvoeringsplot komen beide plechtigheden nader tot elkaar en dat gebeurt helaas te gekunsteld. Werkelijk alles wordt op doorzichtige wijze met elkaar verbonden, precies zoals beschreven in The Happy Accident, het weinig succesvolle boek van Deans narcistische vader Bill (William Fichtner), een psychiater die zijn zoon graag gebruikt als studieobject (Dean tegen zijn vader: If you write about me again in another one of your stupid books, I’m going to kill you! Vaders reactie: Stupid!? There are several major book chains around this country that will disagree with you on that point). Zonder het te weten schrijft vader dezelfde pillen voor die Dean sowieso al dankzij zijn maatje Troy als pepmiddel slikte. Helaas is dat pas duidelijk als je op de dvd het audiocommentaar beluistert van regisseur Arie Posin. Posin stopt zijn vertelling te vol met verwijzingen, motieven en achterliggende gedachten. Het bestaan van The Happy Accident zou voldoende geweest zijn, maar zoals de filmtitel doet vermoeden staat niet dit boek maar het computerspel The Chumscrubber centraal, althans, op papier, want in de praktijk blijkt het spel veel minder relevant.

chumscrubber2

Het computerspel speelt zich af in dezelfde buitenwijk als waar Dean woont, maar dan na een nucleaire explosie en met een onthoofde titelheld die met zijn eigen hoofd in de hand wandelende doden van zich af probeert te houden. Je zou de virtuele wereld parallel kunnen zien aan het filmverhaal, maar veel schiet je daar niet mee op. Het spel is schijnbaar alomtegenwoordig in het leven van de buitenwijkjongeren en toch voelt dat niet zo aan, ondanks voorbij lopende scholieren met T-shirts van The Chumscrubber, de spelfragmenten op elk televisiescherm, de soundtrack van het spel die soms de filmsoundtrack overstemt, en de poster in de slaapkamer van de ontvoerde Charlie. Zelfs de computerstem van de voice-over en Troy’s virtuele geest in de visioenen van Dean weten het belang van de aanwezigheid van het spel niet voelbaar te maken. Iedereen speelt The Chumscrubber, maar geen seconde dient het spel tot gespreksstof onder de jongeren. Daarbij is de vormgeving van het spel heel erg lelijk, wat het moeilijk voorstelbaar maakt dat het zo ontzettend populair is. Door de gekunstelde verwijzingen naar het computerspel krijgt de film geen gelegenheid een gevoelige snaar te beroeren. Het is ook spijtig dat de boodschap in de ontknoping zo stichtelijk klinkt en daardoor net zo emotioneel geladen is als een spreuk op een tegel aan de wand.

Het debuut van Arie Posin heeft dankzij de prima cast zeker zijn momenten, maar heeft niet de impact van fantasievolle debuten als Donnie Darko. The Chumscrubber is meer van het kaliber The United States Of Leland en Thumbsucker (ook met Lou Taylor Pucci); zeker onderhoudend, maar uiteindelijk niet geweldig. Naast eerdere genoemde castleden spelen ook Allison Janney mee als de moeder van Dean en Carrie-Anne Moss als de sexy moeder van Crystal. De dvd verscheen onlangs als Britse uitgave op Icon.