Oslo, August 31st (2011) versus Le Feu Follet (1963)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin
Oslo, August 31st

Oslo, August 31st

Een van de positieve bijkomstigheden van Oslo, August 31st is de behoefte om Le Feu Follet (The Fire Within) nog een keer te zien. Beide films zijn gebaseerd op de roman Le Feu Follet (1931) van Pierre Drieu La Rochelle (een Franse fascist, lees ik op Wikipedia), over de laatste dag uit het leven van een suïcidale alcoholistische schrijver. Geen opbeurend thema en eerlijk gezegd was in mijn geheugen van de Franse filmversie van Louis Malle uit 1963 geen spoor meer terug te vinden.

Tobbende binnenvetters zijn niet de gemakkelijkste filmpersonages en blijkbaar had ik een tweede kijkbeurt nodig om door te dringen tot de psyche van dertiger Alain (Maurice Ronet). Zijn vrouw Dorothy woont ver weg in New York en hun relatie ligt aan diggelen. Alain is geruime tijd alcoholvrij, maar heeft geen zin de afkickkliniek in Versailles te verlaten. Het liefst sluit hij zich op in zijn kamer, strepen zettend door schrijfschetsen, verdrietig starend naar foto’s van Dorothy en spelend met lege sigarettenpakjes en een geladen pistool. Hij kijkt uit het raam en ziet daar het leven aan zich voorbij trekken, onder meer in de vorm van een anonieme dame met vioolkoffer (in de Noorse film wordt de koffer gedragen door een over de stoep fietsende man).

Le Feu Follet

Le Feu Follet

De overbekende pianomuziek van Erik Satie benadrukt de uitzichtloze treurigheid. Vlak voordat hij voor het laatst naar Parijs vertrekt, geeft Alain zijn horloge aan een van de dienstmeisjes. Zijn tijd is toch weldra voorbij.

De iets jongere Anders (Anders Danielsen Lie) brengt in Oslo, August 31st (Joachim Trier, 2011) zo min mogelijk tijd door in het afkickcentrum. Een sollicitatiegesprek is een excuus voor een ritje naar het centrum van Oslo en een mogelijkheid voor een laatste bezoek aan oude vrienden. Anders is een buitenstaander geworden en zijn eenzaamheid wordt het sterkst verbeeld wanneer hij, in zijn eentje zittend in een café, flarden van gesprekken van de cafébezoekers om hem heen opvangt. Hoe meer hij hoort over hun toekomstplannen, hoe meer hij zich bewust wordt van zijn gebrek aan vooruitzichten.

Bij zijn ontmoetingen in de 24 uren die hem nog resten, ziet hij hoe zijn vrienden zich hebben geconformeerd aan de gewoontes van het burgerlijke bestaan. Anders is niet in staat alternatieven te bieden voor de eisen die het leven aan hem stelt. Hij koos voor drank en drugs, maar de roes heeft hem geen bevrijding gegeven. Net als Alain wordt Anders tegen het einde van de film door een relatieve onbekende voor slappeling uitgemaakt. Hij heeft geen verweer en kan de beschuldiging enkel zwijgzaam beamen. Verspreid over de film wordt Anders’ geïsoleerde positie benadrukt doordat hij meerdere malen onscherp in beeld wordt gebracht, terwijl de rest van de wereld in focus blijft. Levend is hij al een spook.

Oslo, August 31st 7/10 | Le Feu Follet 8/10