La Fille Du RER (André Téchiné, 2009)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

la_fille_du_rer

La Fille Du RER is gebaseerd op ware feiten, maar hoe realistisch is het dat de jonge Jeanne (Émilie Dequenne) wordt uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek op het kantoor van advocaat Bleistein (Michel Blanc) terwijl zijn assistente duidelijk laat merken dat de brief slecht geschreven is en de CV te weinig relevante informatie bevat? Uit de praktijk weet ik dat in zo’n geval de briefschrijver beleefd een afwijzing krijgt teruggestuurd en zeker niet voor een gesprek zal worden uitgenodigd. Misschien dat ze in Frankrijk wettelijk verplicht zijn elke sollicitant uit te nodigen, ook wanneer uit alles blijkt dat hij/zij incompetent is. Mijn gebrekkige kennis van de Franse arbeidsmarkt zal hierbij parten spelen. De procedure rondom de sollicitatie is slechts een van de aanwijzingen die regisseur André Téchiné de kijker aanreikt om uit te leggen waarom Jeanne heel veel later in de film verzint dat ze is aangevallen in de trein (de RER uit de filmtitel). De sollicitatiebrief is geschreven door moeder Louise (Catherine Deneuve) voor wie de leugen blijkbaar een gedoogd middel is om verder te komen in het leven. Zo moeder, zo dochter.

Wat ook snel blijkt is de naïviteit van Jeanne. Ze laat zich manipuleren door moeder en zich te eenvoudig inpalmen door de onbetrouwbare Franck (Nicolas Duvauchelle). De jongen is agressief in zijn versiermethode, heeft gevaarlijk tatoeages op de bovenarm, doet aan vechtsport, geeft te makkelijk geld uit, rookt veel te grote sigaren en dreigt voor de grap met onvrijwillige trioseks. Een verstandig meisje was allang tot de juiste conclusie genomen en had op haar rolschaatsen een veilig heenkomen gezocht. Zo niet onze Jeanne. Is het dan gek dat ik geen begrip, laat staan medelijden met haar heb, wanneer ze tot haar dwaze actie overgaat?