La Clé Des Champs (Claude Nuridsany & Marie Pérennou, 2011)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

lacle

La Clé Des Champs is de meest recente natuurfilm van de makers van het succesvolle Microcosmos: Le Peuple De L’Herbe (1996). De familiefilm is onlangs in Nederland op dvd uitgebracht onder de titel Een Wereld Vol Betovering, maar draaide afgelopen weekend ook in de Uitkijk, Amsterdam in het kader van Ciné Premières, het landelijke festival voor Franse en Franstalige films.

Net als Microcosmos maakt La Clé Des Champs pas echt indruk als je de film op een groot doek projecteert. Op het scherm veranderen kleine, doorzichtige langwerpige wezens onder de microscopische lens in imposante reuzen en lichten hun inwendige organen duidelijk zichtbaar op. Pas in de aftiteling komt hun naam onvertaald voorbij, dus ik weet niet hoe ze heten. De voice-over in La Clé Des Champs biedt geen duidelijkheid, maar hij is dan ook geen wetenschapper.

De mannenstem herinnert zich hoe hij als kleine jongen (gespeeld door Simon Delagnes) tijdens lange zomers in zijn eentje ronddwaalde door de natuur achter de vakantieboerderij. In plaats van het geven van biologieles vertelt de stem op een iets te hoogdravend literaire wijze hoe hij de natuur als kind heeft ervaren. De soundtrack verplaatst zich in de beleving van een kind. Daarom zwemmen kleine ronde insecten gehaast rond met het geluid van sportautootjes en botsen ze tegen een groep schaatsenrijders (Gerris lacustris) aan als balletjes in een flipperkast. Bij het gevecht tussen twee waterinsecten klinken hun lange poten als zwaarden, alsof het ridders zijn in een jeugdfilm.

Tijdens zijn dagelijkse solitaire wandelingen merkt de kleine jongen dat zijn territorium wordt betreden door een leeftijdsgenootje. In gedachten noemt hij haar Iris (Lindsey Hénocque), naar de gele bloem die ze op haar weg per ongeluk heeft geknakt. Haar dominerende kleur is echter zo rood als een klaproos. Het minimale verhaal over de twee kinderen is slechts een kapstok voor de verzameling inkijkjes in het leven van onder anderen libellen, wantsen, kikkers, salamanders, karpers en een verdwaalde mier. Een enkele keer stappen de filmmakers in de fantasie van de jongen, wat tijdens een nachtscène leidt tot verwijzingen naar The Night Of The Hunter (1955).

La Clé Des Champs maakt niet dezelfde indruk als Microcosmos, maar is desalniettemin een oogstrelend prentenboek. De film legt ditmaal niets uit over de wonderlijke dierenwereld, maar slaat het in een onthaast tempo gade met kinderlijke verwondering en bewondering.

7/10