King Of Devil’s Island (Marius Holst, 2010)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

kingofdevel

Heeft de regisseur het zo bedoeld of is de digitale projector in bioscoop De Uitkijk defect? vroeg ik mij af bij het aanschouwen van de geelgroene kleuren die overheersen in King Of Devil’s Island. Zelfs een vuurzee vlamt groen.De Filmkrant rept over ‘prachtig ontkleurde beelden’, maar de rode strepen tijdens de openingstitels en de verspringende kleuren in de slotfase, bijgestaan door een krakende versterker, doen wel degelijk haperende techniek vermoeden. De jeugdige gevangenen op het koude en mistige Noorse eiland Bastø zien er allemaal uit alsof ze permanent zeeziek zijn, wat in het geval van hoofdpersonage Erling (Benjamin Helstad) toch vreemd is. Deze ruwe bolster is namelijk een jonge walvisvaarder en kan wel tegen een golfstootje. Als de film eind jaren zeventig in Engeland was gemaakt, zou Ray Winstone de hoofdrol hebben gespeeld. Winstone speelde in die tijd in Scum, de beruchte Britse film van Alan Clarke uit 1979 over het leven in een jongensgevangenis (of Borstal, zoals de Britten zulk soort instellingen noemen).

Een vergelijking met Scum valt nadelig uit voor King Of Devil’s Island. In de Britse film dwingen de sterkste onder de jonge gevangenen ontzag af bij de minder sterke jongens, meestal door een dreigende houding aan te nemen, soms door geweld toe te passen (twee biljartballen in een sok doen wonderen). De jongste generatie in de Noorse film is echter niet bang voor de oudere jongens. Ze zien hen juist als rolmodellen en helden. Waar de leidersfiguren in Scum opklimmen binnen de hiërarchie, hebben ze in King Of Devil’s Island voldoende aan respect en vallen machtsverschillen zo goed als weg. Op Bastø doet de leiding aan seksuele intimidatie, terwijl dat gevaar in Scum voortkomt uit de pikorde onder de gevangenen.

De Noorse film suggereert iets te gemakkelijk dat de gevangen jongens allemaal eigenlijk lieverdjes zijn en reduceert het conflict al te zwart-wit tot een strijd tussen de goede jongens en de kwaadwillende directie, in het bijzonder Erling versus gouverneur Bestyreren (Stellan Skarsgård). De film heeft veel tijd nodig om uit te komen bij de onontkoombare escalatie. Vroeg in de film wordt gewaarschuwd voor de isoleercel, maar het duurt anderhalf uur voordat de hoofdrolspelers daar in belanden, na een heel erg ongelukkig getimede wraakactie op een teruggekeerde pedofiele bewaker. De man verdient zijn pak slaag zonder meer, maar twee van zijn belagers stonden op het punt vrijgelaten te worden en zetten met hun ondoordachte actie al hun vrijheid op het spel. Mij komt dat weinig aannemelijk over.

6/10