J. Edgar (Clint Eastwood, 2011)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

jedgar

Leonardo DiCaprio is zeker geen slecht acteur, maar zelfs als hij J. Edgar Hoover op oude leeftijd speelt, blijf ik in hem het jochie zien dat hij is gebleven sinds zijn doorbraakrol in What’s Eating Gilbert Grape (Lasse Hallström, 1993). Daar kan geen make-up tegenop.

In Clint Eastwoods biopic J. Edgar ziet DiCaprio er uit als een jonge acteur met heel veel schmink op zijn gezicht. Het kan nog erger, getuige de latex kop van zijn tegenspeler Armie Hammer in de rol van metgezel en heimelijke liefde Clyde Tolson. Ouder gemaakt lijkt die acteur heel erg op astronaut Dr. Dave Bowman in de laatste scènes uit 2001: A Space Odyssee. DiCaprio heeft het meeste weg van John Voigt, wat me doet afvragen waarom Voigt niet voor de rol van de oude Hoover is gevraagd. Of zou de rechtse Voigt geweigerd hebben vanwege Hoovers latente homoseksualiteit?

Het lukte mij niet een tragisch figuur te zien in de FBI-baas. Dan liever de bullebak zoals Broderick Crawford hem neerzet in The Private Files Of J. Edgar Hoover (Larry Cohen, 1977). In die film blijft ons ook de lange subplot bespaard over de ontvoering van het zoontje van Charles Lindberg. Ontvoeringen van kinderen duiken vaker op in het werk van regisseur Clint Eastwood (zie ook: A Perfect World, Mystic River en Changeling).

6/10