Cornelis (Amir Chamdin, 2010)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

cornelis

Cornelis Vreeswijk was een zuipschuit, een pillenslikker, een onbehouwen vlerk en een onvoorspelbare psychoot, kan de buitenstaander concluderen na het zien van Cornelis. Toch wordt de folkzanger in de film geenszins van zijn troon gestoten. Het onaangepaste gedrag van de relatief jong gestorven Hollander, in combinatie met folkliedjes vol onverbloemde teksten en aansprekende refreinen, was juist wat de Zweden zo aantrekkelijk aan hem vonden en waarom ze hem massaal, van jong tot oud en tot op de dag van vandaag, omarmden. Zelfs punkers met hanenkammen zingen zijn teksten enthousiast mee.

Biopics over succesvolle popmuzikanten hebben vaak een voorspelbare opbouw: de voorzichtige eerste schreden in de muziek, ontdekt worden door een belangrijke impresario of producer, de drank, de seks en de drugs, vervreemding van vrouw en kind, de mentale dip, de afkickkliniek en de comeback. Met een beetje geluk valt daar een klassiek opgebouwd verhaal met een structuur van drie bedrijven uit te destilleren, maar meestal blijft het bij een aaneenschakeling van voorvallen, een euvel waar de film Cornelis last van heeft.

Omdat Vreeswijk tijdens zijn leven veel mensen ontmoette, worden veel bijrollen gereduceerd tot veredelde figuranten. Zo komt een paar keer een man met een rossig vlasbaardje voorbij die waarschijnlijk een hele goede vriend van de zanger is, maar toch vooral per ongeluk in beeld lijkt te lopen.

Filmmaker Amir Chamdin doet een geforceerde poging de oorzaak te vinden van Vreeswijks afwijkende, dwarse, zelfdestructieve gedrag en opent zijn film in IJmuiden tijdens de Tweede Wereldoorlog en de gedwongen opsluiting van het jochie Cornelis vanwege tuberculose. Uit de biografieën op de officiële sites van Vreeswijk kan ik niet opmaken in hoeverre deze gebeurtenis op waarheid berust. De openingsscène heeft zeker enige impact, dankzij Kim van Kooten als wanhopige moeder en een goed gecaste schattige kindversie van de zanger. Laat in de film keren de flashbacks terug, zonder dat hard wordt gemaakt dat het jeugdtrauma daadwerkelijk invloed heeft gehad. Wat je van de scènes uit de verpleeginrichting vooral onthoudt, is Vreeswijks groeiende fascinatie voor muziek dankzij de zingende verplegende nonnen. Of zijn de nonnen slechts een verwijzing naar de hitsingle De Nozem En De Non (1972)? De Nederlandse carrière van de zanger komt overigens verder niet ter sprake.

Debuterend acteur Hans Erik Dyvik Husby, beter bekend als de voormalige zanger van Turbonegro, moet in het begin wat lacherig wennen aan zijn plek voor de camera, maar groeit steeds meer in zijn rol. Tijdens de muzikale momenten heeft Husby geen enkele moeite ons te doen overtuigen dat Vreeswijk indruk wist te maken op zijn toehoorders. Een muzikant door een muzikant laten spelen is meestal het beste idee.

5/10