Bogdanovich & Bogdanovich: She’s Funny That Way & Phantom Halo

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin
Shes-Funny-That-Way2

She’s Funny That Way

Van regisseur Peter Bogdanovich is deze maand twee keer een glimp op te vangen in de Nederlandse bioscopen. Vanaf eind deze maand kan de oplettende kijker hem in While We’re Young (Noah Baumbach, 2014) in de verte zien als spreker op een gala waar een gewaardeerde documentairemaker wordt gehuldigd. Deze week komt hij kort voorbij in de rol van interviewer aan het eind van She’s Funny That Way, zijn eerste speelfilm in veertien jaar. Heeft de oude filmmaker ons nog iets te bieden of kunnen we al onze hoop beter vestigen op zijn eveneens regisserende dochter Antonia Bogdanovich?

Peter Bogdanovich speelt wel vaker kleine gastrollen in films van bevriende filmmakers. Zijn netwerk in de Amerikaanse filmwereld is enorm. De welbespraakte regisseur en filmconnaisseur uit New York publiceerde interviewbundels met beroemde acteurs en regisseurs, maakte documentaires over Hollywoodlegendes en was zeer goed bevriend met onder meer Orson Welles en John Ford. Op menige dvd-uitgave van een Amerikaanse filmklassieker geeft hij in de extra’s tekst en uitleg, vaak in combinatie met geslaagde imitaties. Onder hoede van Roger Corman debuteerde hij als speelfilmregisseur met Targets (1968), een ambitieuze B-film over een doorgedraaide Vietnam-veteraan en zijn confrontatie met horroricoon Boris Karloff. Zijn tweede geslaagde speelfilm The Last Picture Show (1971), over het uitzichtloze bestaan van opgroeiende jongeren in de jaren vijftig in een Texaans gehucht, wordt beschouwd als een moderne klassieker.

Paper Moon

Paper Moon

Bogdanovich heeft een voorkeur voor klassieke Amerikaanse cinema en gaat in zijn eigen films wat betreft stijl en/of periode graag terug in de tijd. De eerder dit jaar in Engeland op Blu-ray uitgegeven film Paper Moon (1973) speelt zich af tijdens de economische crisis van de jaren dertig. Ryan O’Neal en zijn debuterende dochter Tatum O’Neal reizen door de Verenigde Staten. De professionele zwendelaar Moses Pray moet het weesmeisje Addie afleveren bij haar tante. Onderweg verdient hij zijn geld door dure Bijbels te verkopen aan vrouwen van wie hij uit de krant weet dat ze onlangs weduwe zijn geworden. Het meisje blijkt een stuk slimmer dan de man te zijn en de twee vormen onderweg een gouden team. Het is een innemend en komisch portret van een kind dat heel snel leert hoe opportunistisch, egoïstisch en doortrapt de volwassen wereld is. De film won drie Golden Globes en een Oscar voor Tatum O’Neal. Vreemd genoeg waren er geen nominaties voor de sprankelende zwart-witfotografie van László Kovács.

Na zijn successen wist Peter Bogdanovich als regisseur weinig indruk te maken. Zijn ouderwetse gevoel voor humor leverde flauwe komedies op zoals They All Laughed (1981) waar ik vijf jaar geleden al eens over berichtte. Zijn laatste bekende film is Mask (1985) met Cher en Eric Stoltz. Net als bij They All Laughed kun je uit de titel opmaken dat Bogdanovich’ nieuwste productie She’s Funny That Way opnieuw grappig is bedoeld. De ordinaire klucht gaat over call girl Isabella ‘Izzy’ Patterson (Imogen Poots) die op Broadway een rol van een call girl krijgt aangeboden in het toneelstuk The Grecian Evening. Ze weet niet dat regisseur Arnold Albertson (Owen Wilson) onlangs haar laatste klant was. Hij gaf haar 30.000 dollar om haar de kans te geven een baan te kiezen waar haar hart naar uitgaat, niet wetend dat ze graag actrice wil worden. Als de regisseur Izzy bij de auditie ziet, probeert hij van haar af te komen, maar zijn vrouw Delta (Kathryn Hahn), toneelschrijver Joshua (Will Forte) en de geliefde Britse steracteur Seth Gilbert (Rhys Ifans) vinden de actrice zo goed dat hij haar onmogelijk kan weigeren. Uiteraard kost het hem veel moeite geheim te houden waar hij Izzy van kent. De oubollige komedie staat bol van de vergezochte misverstanden.

She's Funny That Way

She’s Funny That Way

De dialogen hebben de vaart van ouderwetse screwball comedies, het type zoals Bogdanovich’ grote held Howard Hawks ze maakte in de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw. Jennifer Aniston laat in de rol als psychiater Jane Claremont de ultrasnelle teksten zeer begenadigd over haar tong rollen. Zij is de vriendin van Joshua en heeft Izzy eenmalig als klant. Dat is niet de enige irritante toevalligheid in de film. De gepensioneerde rechter Pendergast (Austin Pendleton) gaat ook bij Claremont op bezoek omdat hij zo geobsedeerd is door Izzy. Zijn obsessie gaat zo ver dat hij haar dagelijks laat volgen door een oude privédetective (George Morfogen) die heel toevallig de vader van Joshua blijkt te zijn. Ook heel toevallig heeft iedereen onafhankelijk van elkaar op dezelfde avond in hetzelfde Italiaanse restaurant afgesproken. Vanaf die scène begint de screwball pas echt te rollen. Meer dan eens moet een jongedame, al of niet van lichte zeden, zich in de hotelkamer op het toilet verstoppen om buiten het zicht van de echtgenote te blijven. Fans van John Lanting zullen verrukt zijn.

De film heeft de vorm van een raamvertelling. De inmiddels beroemd geworden Izzy vertelt over het begin van haar acteercarrière tijdens een interview met journalist Judy (Illeana Douglas). Van een groot aantal gebeurtenissen is ze echter zelf nooit getuige geweest. Ze lardeert haar verhaal met anekdotes over bekende Hollywoodactrices net zoals Peter Bogdanovich in films en interviews ook zo graag mag putten uit de Amerikaanse filmgeschiedenis. In de film citeert hij Audrey Hepburn (te zien in zijn eigen film They All Laughed) en Ernst Lubitsch (een dialoog uit diens film Cluny Brown uit 1946 levert een terugkerende quote op). In bijrolletjes zien we oude bekenden uit Bogdanovich’ oeuvre terug, zoals Cybill Shepherd uit The Last Picture Show als de moeder van Izzy en Tatum O’Neal uit Paper Moon als serveerster. Jake Hoffman, de zoon van Dustin Hoffman, zien we een paar keer in beeld als piccolo, Joanna Lumley is heel even te zien als de film al is afgelopen en Quentin Tarantino komt kortstondig voorbij in de rol van Quentin Tarantino.

Phantom Halo

Phantom Halo

Wie had gehoopt dat Bogdanovich’ dochter Antonia met Phantom Halo (2014) een betere film dan haar vader heeft gemaakt, zal teleurgesteld zijn. De titel van haar speelfilmdebuut doet vermoeden dat het om een superheldenfilm gaat. De titel slaat echter op een superheldenstrip die de jonge Samuel (Thomas Brodie-Sangster) stiekem leest, ondanks een verbod van zijn vader (Sebastian Roché). De vader is een Britse acteur die na het vertrek van zijn vrouw is gaan drinken en gokken. Samuel en broer Beckett (Luke Kleintank) durven deze bruut niet te verlaten, ook al verpatst hij al het geld dat de jongens op straat bij elkaar sprokkelen. Samuel verdient een zakcentje door teksten van Shakespeare te declameren en Beckett door Samuels publiek te bestelen. Hoe dat publiek vervolgens toch geld aan Samuel kan geven, maakt de film niet echt duidelijk. De oudere broer vindt een nieuwe manier om binnen korte tijd nog meer te verdienen en dat betekent een breuk tussen de twee en een gevaar voor iedereen.

Phantom Halo (vanaf augustus op dvd verkrijgbaar via Amerikaanse import) gaat redelijk voortvarend van start, onder meer vanwege de autobiografische elementen die in het verhaal lijken te zijn verweven. De relatie tussen vader en zoons doet de vragen oproepen over de relatie tussen vader en dochter Bogdanovich. Hoeveel moeite zal het Antonia Bogdanovich hebben gekost om onder de invloed van een dominante en wellicht ook veeleisende vader uit te komen? Te oordelen aan de namen die ze de twee broers heeft gegeven en de vele Shakespeare-citaten deelt ze de pretentieuze neigingen van haar vader. Ondanks de pretenties eindigt haar film met criminelen die in een kleine ruimte heel luid aan elkaar uitleggen waarom ze doen wat ze doen terwijl ze een pistool op elkaar gericht houden.

Paper Moon 8/10 | She’s Funny That Way 4/10 | Phantom Halo 4/10

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *