A Pigeon Sat On A Branch Reflecting On Existence (Roy Andersson, 2014)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

pigeon2

Het laatste deel in de trilogie van de Zweedse regisseur Roy Andersson over het ‘mens zijn’ bestaat wederom uit een reeks tableaus die eruitzien als tot leven gekomen magisch realistische schilderijen. De camera beweegt slechts één keer en doet dat zo subtiel dat ik het pas doorhad lang nadat de beweging voorbij was. De tableaus worden bevolkt door depressieve bleke Zweden. Vrijwel niemand is wie hij zou willen zijn. Een zeezieke kapitein gaat noodgedwongen werken in een kapperszaak. Twee humeurige middelbare mannen verkopen feestartikelen. Het najagen van geluk is zinloos. De onbarmhartige dood staat ongeduldig op elke straathoek de wachten.

A Pigeon Sat On A Branch Reflecting On Existence is niet het beste deel uit de trilogie. De film is een herhaling van zetten. De gezichten zijn opnieuw wit geschminkt. De grauwe huiskamers en landschappen zijn onveranderd gebleven. Eerdere thema’s, zoals de erfenis van de Tweede Wereldoorlog, keren terug. De camera staat zoals gebruikelijk vaak schuin op het onderwerp zodat diagonalen overheersen in het totaalbeeld. In de hoek aan het einde van een ruimte is meestal een deur of een raam die een doorkijk geeft, maar geen ontsnapping biedt. De deur loopt vaak dood in een kleinere ruimte en vanuit het raam zie je puien van verlaten winkels, troosteloze flatgebouwen of vlaktes waar onlangs een bulldozer alles heeft platgewalst. Aan het einde de horizon is geen plek zichtbaar waar mensen naar kunnen verlangen.

De film gaat zelf ook over herhaling. De feestartikelenverkopers moeten steeds hetzelfde verkooppraatje houden en in vrijwel alle telefoongesprekken zegt iemand twee keer heel blij te zijn om te horen dat het goed gaat met de persoon aan de andere kant van de lijn. Een man in uniform staat een paar keer voor hetzelfde restaurant tevergeefs op zijn afspraak te wachten. De portier van een hotel vraagt meerdere keren om stilte omdat zijn bezoekers de volgende dag weer vroeg naar hun werk moeten. Dezelfde melodie van een lied keert terug, zij het met andere teksten. Twee keer richt een personage zich rechtstreeks tot de bioscoopbezoeker.

pigeon1

Niemand komt vooruit. Alle levens zijn net zo opgezet als de duif in het openingsshot en vastgebonden als de aap in het laboratorium. De mens laat de geschiedenis herhalen en in een enkel geval komt de geschiedenis hoogstpersoonlijk op bezoek, zoals in de scène waarin de jonge koning Karl XII (1682-1718) en zijn leger onderweg naar het slachtveld in Rusland even uitrusten in een vreugdeloos cafetaria. Regelmatig lijden de absurdistische situaties tot een glimlach, maar de herhaling maakt op sommige momenten ook een sleetse indruk. Steeds dezelfde handelingen en dezelfde opmerkingen versterken het deprimerende gevoel dat de filmmaker wil achterlaten, maar ze worden niet automatisch grappig. Roy Andersson heeft de grenzen van zijn verbeelding bereikt.

7/10

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *