À l’Intérieur (Inside) (Alexandre Bustillo & Julien Maury, 2007)

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedin

alinterieur

In mijn vriendenkring zijn er mensen die alleen al bij de gedachte aan Béatrice Dalle helemaal week worden. De Franse actrice is zonder meer een opvallende character actress, maar zelf loop ik liever een blokje om als ik haar tegen het lijf zou lopen in een donkere steeg, zeker na het ondergaan van À l’Intérieur (deze week vertoond als onderdeel van de serie House Of Horror in de Melkweg Cinema).

Dalle is perfect gecast als een duistere dame die het gemunt heeft op het ongeboren kind van Sarah (Alysson Paradis). Vier maanden na een ernstig auto-ongeluk, waarbij haar echtgenoot het leven liet, staat Sarah op het punt van bevallen. De jonge fotografe heeft littekens aan het ongeluk overgehouden, zowel fysiek als innerlijk. Ze heeft zich bewust teruggetrokken en verblijft helemaal alleen thuis op kerstavond wanneer Dalle bij haar aanbelt. Dat het nummer van Sarah’s afgelegen huis drie maal zes is, is een slecht teken, net zoals de nabijheid van een zwarte kat. De jonge vrouw gaat duidelijk een zware bevalling tegemoet, en de toeschouwer met haar.

Sommige bioscoopgangers zullen al misselijk worden bij het lichaamsvocht dat tijdens de openingstitels vloeit. À l’Intérieur heeft met de recente Franse horrorfilm Frontier(s) (Xavier Gens, 2008) gemeen dat het verhaal zich afspeelt tegen de achtergrond van de rellen in de buitenwijken van de grote Franse steden. In beide films wordt die gebeurtenis er nogal met de haren bijgesleept. Veel meer dan bij Frontier(s) lijken de journaalbeelden in À l’Intérieur te willen zeggen dat het echte gevaar tegenwoordig dicht bij huis gezocht moet worden. Het gevaar komt echter helemaal niet uit de buitenwijken en is geenszins van buitenlandse origine. À l’Intérieur speelt zich, zoals de titel aangeeft, voornamelijk binnenshuis af. De enige aanwijsbare reden voor het tonen van de journaalfragmenten is om een van de bijrollen iets meer achtergrond mee te geven.

Frontier(s) wordt bevolkt door als geteisem geïntroduceerde allochtonen waar je als kijker geen enkele medelijden mee hebt op het moment dat ze op het platteland in handen vallen van een inteeltcommune, een bespottelijk rariteitenkabinet geleid door een flippende oude nazi. À l’Intérieur houdt zich verre van dit soort politiek incorrecte quatsch en vertoont meer verwantschap met de klassieke grand guignol. Slechts heel even glijdt de film uit richting onverklaarbare idioterie. Het kwetsbare lichaam staat centraal en het bloed druipt na een kleine twintig minuten onophoudelijke van het scherm. Het angst van de zwangere vrouw wordt zonder terughoudendheid op grimmige wijze uitgebeeld. Vele malen meer dan bijvoorbeeld Rosemary’s Baby en It’s Alive is À l’Intérieur daarom uitermate ongeschikt voor vrouwen die binnenkort een kind verwachten. Voor de overigen is de film aangenaam onaangenaam.